Agris logo
Home


Nog geen abonnee?

Gids voor de aardappelen.

  Akkerbouw     Veehouderij   Tuinbouw   Economie   Politiek   Markten   Milieu   Weer   Beurs

Syngenta oplossingen in aardappelen

Stengelnatrot en zwartbenigheid

Algemeen

Stengelnatrot (Erwinia chrysanthemi, Erwinia carotovora subsp. carotovora) en zwartbenigheid (Erwinia carotovora subsp. atroseptica) zijn vaak moeilijk van elkaar te onderscheiden en worden daarom gezamenlijk behandeld. Zwartbenigheid gaat uitsluitend met het pootgoed over. De organismen die stengelnatrot veroorzaken gaan met het pootgoed over, maar kunnen ook in de grond en het oppervlaktewater aanwezig zijn. Vaak komen menginfecties voor waarbij twee of meer Erwinia-soorten betrokken zijn.


Algemeen | Aantastingsbeeld | Levenswijze | Voorkomen/Bestrijden | Foto's
Aantastingsbeeld

Zwartbenigheid

Zwartbenigheid is een ziekte van gematigd koele klimaten en heeft een optimumtemperatuur voor ziekteontwikkeling rond de 18 à 19 °C. De stengel begint te rotten vanuit de rottende moederknol en kleurt zwart (1). De zwartverkleuring kan alleen betrekking hebben op het onderste stengelgedeelte (2), maar ook kan de gehele stengel zwart kleuren (3). De aangetaste stengel verspreidt een visachtige lucht. De topblaadjes van aangetaste stengels worden lichtgroen en rollen zich vanuit de bladranden naar boven toe op (4), vergelen en kort daarop verdort de gehele stengel (5). Aangetaste stengels zijn stijver dan normaal, hebben een steile bladstand, en doordat ze achterblijven in groei worden ze door het loof van gezonde stengels aan het oog onttrokken. De aangetaste stengel sterft altijd af. Knollen van zwartbeenzieke planten vertonen een donker gekleurd rot dat vanuit het stoloneind de knol binnendringt en zich traag uitbreidt en scherp afgegrensd is van gezond weefsel (6). Minder algemeen is een beginnende aantasting van de lenticellen zoals dat veel bij natrot optreedt. Door de interactie met natrot-bacteriën kan dit rot ieder moment in natrot overgaan. Soms is niet meer dan een donkerbruine verkleuring van het stoloneind of van het vaatweefsel aanwezig. Er zijn duidelijke rasverschillen.
Stengelnatrot

Stengelnatrot ontwikkelt zich maximaal bij hogere temperaturen dan zwartbenigheid. De stengel kan op ieder niveau tussen de moederknol en de top beginnen te rotten (7). Het rot kan zich verder ontwikkelen zodat de gehele stengel donker verkleurt. Maar ook kan het rot lokaal blijven en sterft alleen het boven de aantasting gelegen deel van de stengel af en worden nieuwe scheuten gevormd onder de lesie. Typisch is dat onder droge omstandigheden topblaadjes op het warmst van de dag verwelken en zich later weer herstellen, maar kunnen bij warm droog weer ook necrotisch worden (8). Moederknollen van zieke planten en planten met tijdelijke verwelking kunnen een zeer waterig geurloos rot ontwikkelen. Stengelnatrot treedt vooral op in warme jaren. Bij op de grond liggende stengels in een gelegerd, zwaar gewas komen vaak op uitgebreide schaal op stengelnatrot gelijkende verschijnselen voor die door alle drie genoemde Erwinia-soorten veroorzaakt kunnen worden.


Algemeen | Aantastingsbeeld | Levenswijze | Voorkomen/Bestrijden | Foto's
Levenswijze

E. carotovora subsp. atroseptica komt voor zover bekend alleen bij de aardappel voor. E. chrysanthemi en E. carotovora subsp. carotovora hebben meerdere waardplanten. Knollen worden via lenticellen (9) en wondjes geïnfecteerd bij het rooien door de aanwezigheid van aangetaste knollen (10), maar ook door de opbloei van de betrokken ziekteverwekkers op het afstervende loof na loofvernietiging. Verdere besmetting kan optreden bij bewerkingen tijdens de bewaring en bij het poten. In het veld worden planten geïnfecteerd via zieke buurplanten, opspattend regenwater en aërosolen, en door met ziektekiemen besmette insekten. Tijdens de bewaring kunnen besmette knollen tot rotting overgaan en zodoende andere knollen besmetten. Een probleem is dat de ziekten langdurig verborgen in het gewas kunnen voorkomen. De effectiviteit van de bestrijding door het uitselecteren van zieke planten in de pootgoedteelt wordt daardoor sterk gereduceerd.

Algemeen | Aantastingsbeeld | Levenswijze | Voorkomen/Bestrijden | Foto's
Voorkomen/bestrijden

Houd het bedrijf zo schoon mogelijk door alleen pootgoed aan te kopen dat gezond is, dus van bekende herkomst. Pas bedrijfshygiënische maatregelen nauwgezet toe, zoals:
  • het verwijderen van zieke planten in het veld en rotte knollen (ook moederknollen) bij de oogst;
  • percelen met zieke planten het laatst en onder droge omstandigheden rooien; daarna machines, transportmiddelen en inschuurapparatuur grondig reinigen;
  • gewassen waarin meer dan sporadische aantasting voorkomt niet gebruiken voor verdere pootgoedproduktie.


(Aardappelziektenboek, Aardappelwereld BV - L.J. Turkensteen)

Algemeen | Aantastingsbeeld | Levenswijze | Voorkomen/Bestrijden | Foto's
Foto's
  1. Pas bovengekomen stengels aangetast door zwartbenigheid.
  2. Plant met door Erwinia-bacteriën aangetaste stengels.
  3. Linkerstengel aangetast door zwartbenigheid; rechterstengel mogelijk aangetast door een combinatie van zwartbenigheid en stengelnatrot.
  4. Topblaadjes gerold en iets lichtgroen doordat de stengelvoet is aangetast door Erwinia-bacteriën.
  5. Geel geworden plant als gevolg van de door zwartbenigheid aangetaste ondergrondse stengels.
  6. Van links naar rechts toenemende bacterie-infectie met zwartbenigheid. Waterige zone bij middelste knol is typisch voor een bacterie-aantasting.
  7. Symptomen van stengelnatrot op twee hoogten van de stengel, geïnfecteerd door de moederknol.
  8. Randen van topblaadjes necrotisch na verwelking op hete dagen. Stengel aangetast door stengelnatrot.
  9. Deel van de knol geïnfecteerd door Erwinia-bacteriën.
  10. Knollen geïnfecteerd door Erwinia-bacteriën.
© Agris, 2000 Vragen, opmerkingen of suggesties kunt u altijd mailen naar info@agris.be